Dyscalculie, een miskend probleem.

Dyscalculie is lang een miskend probleem geweest. Kinderen die niet goed konden rekenen werden nog nogal eens als dom versleten en er was weinig begrip voor hen. Hiermee werd deze kinderen vaak tekort gedaan. Gelukkig weten we nu dat kinderen die problemen hebben met rekenen geen algemeen leerprobleem hoeven te hebben. En wanneer er sprake is van dyscalculie zij gebaat zijn bij aanpassingen. Toch blijft het erg afhankelijk van hoe scholen er mee omgaan en zijn er nog geen specifieke voorzieningen geregeld, zoals bij kinderen met dyslexie.

Wat is dyscalculie?

Dyscalculie is een rekenstoornis die voor kan komen ondanks een normale intelligentie en voldoende onderwijs. We noemen het dyscalculie wanneer de technische basisvaardigheden van het rekenen niet automatisch verlopen en wanneer het om een hardnekkig probleem gaat. De meest gehanteerde definitie van dyscalculie is, dat het “een stoornis is die gekenmerkt wordt door hardnekkige problemen met het leren en vlot/accuraat toepassen van rekenwiskunde kennis (feiten/afspraken) die blijvend zijn, ook na gedegen onderwijs”.
Kinderen met dyscalculie hebben dus geen tekort aan intelligentie of begrip. Zij hebben vooral problemen met het automatiseren van rekenfeiten, zoals tafels, getalnamen en sommen onder de twintig. Zij kunnen bijv. symbolen en cijfers in grote getallen niet goed en snel lezen. Tafels moeten iedere keer weer herhaald worden. Als aan kinderen met dyscalculie mondeling een ingewikkeld rekenprobleem wordt voorgelegd kan dit vaak heel goed besproken worden. Het lukt hen echter niet om het snel uit te rekenen.
Dyscalculie is niet hetzelfde als een algemeen rekenprobleem. Kinderen met een algemeen rekenprobleem hebben vaak ook een lagere intelligentie. Zij vinden het moeilijk om logische verbanden te leggen en rekenproblemen te beredeneren. Kinderen met dyscalculie kunnen wel een goede redenering geven voor het oplossen van een rekenkundig probleem. Zij missen echter de ‘gewone’ kennis die anderen zich spelenderwijs en vanzelfsprekend eigen hebben gemaakt. Hierdoor moeten zij steeds hun aandacht richten op procedures die door anderen ‘gewoon’ worden uitgevoerd.

Onderzoek naar dyscalculie

Bij het onderzoek naar dyscalculie wordt eerst in kaart gebracht wat de ernst van de problemen is en hoe groot de achterstanden zijn. De problemen op het gebied van rekenen moeten ernstiger zijn dan op grond van de intelligentie van het kind te verwachten is.
Wanneer er duidelijke aanwijzingen zijn voor een mogelijke leerstoornis zal de orthopedagoog op zoek gaan naar verklaringen. Deze verklaringen zullen vooral worden gezocht in de ontwikkeling van de intelligentie, de processen van informatieverwerking en relevante aspecten van de taalontwikkeling.

a) Ontwikkeling van de intelligentie:
De ontwikkeling van de intelligentie kan in kaart worden gebracht met behulp van een intelligentietest. Als aanvulling hierop is het van belang om zicht te krijgen op de denkprocessen bij het oplossen van rekenproblemen. De orthopedagoog zal zich vooral een beeld moeten vormen over de manier waarop een kind problemen oplost. Er wordt in kaart gebracht hoe een kind een rekentaak aanpakt en of de basisfeiten wel geautomatiseerd zijn. Het afnemen van alleen een rekentest biedt onvoldoende informatie. Door goed te observeren en doorvragen wordt er zicht verkregen op het redeneerproces.

b) Informatieverwerking:
Bij het verwerken van informatie speelt het korte termijngeheugen en het werkgeheugen een belangrijke rol. Wanneer een leerling een rekenprobleem moet oplossen moet hij dit probleem tijdens het berekenen wel “vast kunnen houden”. Daarnaast moet er steeds naar oplossingsprocedures worden gezocht en moet er met gerichte aandacht gewerkt kunnen worden.

c) Aspecten van de taalontwikkeling:
Rekenen is veel taliger dan vaak wordt aangenomen. Feiten en procedures zijn allemaal afspraken die in taal gemaakt worden. Kinderen moeten bijv. begrippen als ‘vermenigvuldigen’, ‘erbij doen’, ‘eraf halen’ kennen. Ook begrippen als ‘meer’, ‘minder’, ‘evenveel’, en specifieke rekentermen als ‘breuk’, ‘plus’, ‘min’, ‘teller’, ‘noemer’, moeten worden beheerst.

Hardnekkige fouten

Naast een ernstige achterstand moet ook worden vastgesteld in welke mate een leerling extra remediërende hulp oppakt. De resultaten van extra hulp zullen bij een leerling met een leerstoornis achter blijven op wat normaal gesproken zou worden verwacht. Er zullen steeds opvallend hardnekkige fouten blijven terugkomen en er zal geen sprake zijn van voldoende automatisering.

Hulp bij kinderen met dyscalculie

Kinderen met dyscalculie zijn vooral gebaat bij goed gestructureerd onderwijs volgens vaste leerstappen. Omdat het voor hen moeilijker is zich bepaalde rekenprocedures eigen te maken is het belangrijk dat de manier van aanbieden steeds eenduidig is. Er moet een geleidelijke opbouw zijn in de leerstof en het is goed als er veel kan worden geoefend. Op school en in de klas zal nadrukkelijk tijd moeten worden ingeruimd om deze kinderen extra instructie te geven. Samen met de leerling kan in kaart worden gebracht waar de knelpunten liggen en op welke gebieden de leerling behoefte heeft aan specifieke ondersteuning of extra materiaal. Wanneer het aanleren van de tafels echt niet meer lukt kan bijv. een tafelkaart uitkomst bieden. Ook het vastleggen van een rekenschriftje, waarin procedures stap voor stap worden beschreven kan voor een leerling met dyscalculie veel betekenen. Wanneer er wordt gekozen voor het inzetten van een calculator zal een leerling ook daarin begeleid moeten worden.
Hulp bij dyscalculie zal niet alleen taakgericht moeten zijn. Veel kinderen met dyscalculie tobben al jaren met het zich eigen maken van rekenprocedures en tafels en doen voortdurend faalervaringen op. Er zal ook aandacht moeten zijn voor de motivatie en voor de manier waarop kinderen omgaan met hun beperking op het gebied van rekenen en wiskunde. Vooral door samen met het kind op zoek te gaan naar oplossingen, door veel bemoediging en stimulans, zal het kind weer kunnen gaan geloven in zijn mogelijkheden.

Dyscalculie en dyslexie

Dyscalculie en dyslexie hebben een aantal kenmerken gemeen. Zo zijn er problemen in het automatiseren van kennis en vaardigheden. Bij dyscalculie hebben kinderen problemen met het snel oproepen van kennis uit het geheugen. Zij hebben heel veel herhaling en oefening nodig om tot een zelfde resultaat te komen als kinderen die een normale rekenontwikkeling doormaken.
Bij het rekenen leidt dit over het algemeen tot een lager werktempo. Dit is te vergelijken met het leestempo bij kinderen met dyslexie. Omdat kinderen met dyslexie moeite hebben met het ontsleutelen van het woordbeeld hebben zij vaak meer tijd nodig bij het lezen.
Een verschil met het leren lezen is echter dat het aanleren van de basisvaardigheden bij rekenen steeds een doorlopend proces is, waarbij niet echt een eindniveau kan worden behaald. Steeds weer worden er nieuwe feiten en bewerkingen toegevoegd. Doordat het afsprakensysteem bij het rekenen zich steeds verder uitbreidt is er het gevaar dat kinderen met dyscalculie hun grip op de leerstof verliezen.

Dyscalculie is niet oplosbaar met alleen maar planmatige hulp of remedial teaching. In de regio Noord-Brabant en Zeeland vinden gelukkig op veel scholen al aanpassingen plaats op basis van gedegen orthopedagogisch didactisch onderzoek. Het zou echter goed zijn als dit structureel zou worden geregeld door het afgeven van een dyscalculie verklaring. Leerlingen moeten vrijstellingen kunnen krijgen, of extra tijd bij het maken van proefwerken. Er bestaat helaas nog geen wettelijke regel voor voorzieningen bij dyscalculie.

 

drs. K. van Sparrentak
orthopedagoog

 

Literatuur:

Ruijssenaars, A.J.J.M. (1992). Rekenproblemen, theorie, diagnostiek, behandeling. Rotterdam, Lemniscaat.

Ceyssens (2002). Ik reken fout: omgaan met rekenproblemen. Een gids voor ouders, leerkrachten en begeleiders.
Tielt, Lannoo.

Paternotte, A. (2004). Dyscalculie. Jaap haakt af.
Balans, 17, 22-24.

Lid van de Nederlandse Vereniging voor Orthopedagogen (NVO).
www.nvo.nl

Lid van de Landelijke Beroepsvereniging voor Remedial Teachers (LBRT).
www.lbrt.nl

Lid van Balans, vereniging voor ouders van kinderen met leer- en gedragsproblemen.
www.balansdigitaal.nl